Eerste doel bereikt!

image

We zijn er! Ons eerste doel is bereikt, de Balearen. Sinds las Negras hebben we nog 2 ankerplaatsen gehad. Aguilas, waar we 4 nachten hebben gelegen, wachtend op de wind. Een aardig badplaatsje waar ik nog 1 dag behoorlijk beroerd op bed heb gelegen. En later Tomas Maestre, een soort van kunstmatig aangelegde nederzetting, waar we geankerd hebben in iets wat ooit een jachthaven zou hebben moeten worden maar waar men, waarschijnlijk aan het begin van de crisis, is gestopt met aanleggen. Wij lagen er in ieder geval heel rustig.
Op donderdag besluiten we om toch te vertrekken ondanks dat we geen wind hebben, we motoren desnoods de laatste 120 mijl naar de Balearen. Gelukkig komt er na 4 uurtjes ronken toch wat wind opzetten en kan de motor uit, heerlijk die rust!
Ons beoogde laatste ankerplekje voor de oversteek bij Alicante blijkt echt veel te klein en ondiep dus moeten we door en zoeken naar een betere plek. Eerst gooien we de watertanks vol en spuiten we de boot schoon in een haven net voor Benidorm. Als we daarna doorvaren begint het al donker te worden en willen we bij Benidorm voor anker. Wat een lelijke puist in het landschap is dat zeg! En ankeren lukt ook niet omdat er te veel deining staat. Er zit niks anders op dan toch maar de nacht in te gaan en over te steken. Als het helemaal donker wordt en ik de eerste slaapronde in wil gaan komt er wind opzetten en zetten we alle zeilen bij en dobberen we rustig naar de overkant. Als ik ’s nachts de wacht heb jagen een stel idioten op de marifoon me de stuipen op het lijf. We hebben alleen de handmarifoon aan staan en die heeft maar een klein bereik. Het is net of Hannibal Lector op de marifoon zit en de rillingen lopen over mijn rug. Voorzichtig kijk ik buiten of er geen gekken in een bootje aanleggen aan onze boot. Het slaat natuurlijk nergens op maar in je eentje in het donker is toch net even iets anders.
Uiteindelijk komen we om 14:00 uur aan bij Formentera. Het water is hier kraakhelder en het is net of je in een zwembad ligt, prachtig! Wij pakken er een borrel op, ons eerste doel is bereikt!

Storm!

“Die is gek!”, roep ik naar Henk vanaf de boot. We zijn onderweg vanaf Gibraltar naar het westen en vertrokken met een heerlijk windje 5 in de rug. Met 7 knopen hebben we een heerlijke snelheid. We willen naar een ankerplek zo’n 15 mijl verderop maar het gaat zo lekker dat we besluiten even wat mijlen te maken omdat de wind over een paar dagen helemaal weg is en we geen zin hebben om het laatste stuk naar Ibiza te motoren. Tegen het einde van de dag trekt de wind aan naar 7 en vervolgens windkracht 8. Nadeel hierbij is dat de golven zich gaan opbouwen en we af en toe behoorlijk op en neer schommelen. Veel ankerplekken die we passeren zijn ongeschikt omdat we dan te veel liggen te rollen op de golven en geen oog dicht doen. Uiteindelijk besluiten we een klein haventje binnen te varen waar volgens de kaart beschut geankerd kan worden. Niet dus! We kunnen voor de hoofdprijs een paar uur schuilen en dat gaan we dus niet doen. We weten dat de havens hier duur zijn maar we laten ons niet het vel over de oren trekken omdat we “moeten”. Dan gaan we maar door, we zijn niet voor niks Hollanders!
De hele nacht blijft het windkracht 8 en af en toe kijk je tegen een muur van water op als je naar achteren kijkt. Bijkomend voordeel is wel dat we behoorlijk snel gaan. Af en toe surfen we met ruim 12 knopen over de golven. Het lukt ons zelfs om allebei nog wat uurtjes slaap te pakken. Als Henk ’s-ochtends wakker wordt zijn we nog maar een paar mijl verwijderd van ons beoogde eindpunt en om half 11, precies 24 uur later, laten we ons anker vallen bij Las Negras. In ieder geval een nieuw dagrecord gehaald van 160 mijl! Vraag alleen niet hoe..

Een dag later varen weer met een lekker briesje nog 40 mijl en ankeren in de baai van Aguilas. Een leuk, niet te toeristisch stadje waar we heerlijk kunnen wachten tot er weer wat wind komt voor de laatste 200 mijl naar Ibiza.

De eerste anderhalve maand

image We hebben de eerste anderhalve maand erop zitten en we zijn op Gibraltar. Gisteren aangekomen en de 426 meter hoge berg opgegaan met de kabelbaan en naar beneden gelopen waardoor we nu allebei behoorlijke spierpijn hebben. Op de rots stikt het van de apen die alles jatten wat je niet goed opgeborgen hebt. Maar zolang er apen zijn blijft Gibraltar van Engeland, zo heeft Winston Churchill ooit bepaald.
Het uitzicht is adembenemend, net een 3-landenpunt, we zijn op Engels grondgebied en kijken naar zowel Marokko als Spanje.
Inmiddels hebben we Portugal achter ons gelaten waar de laatste stop Portimao was. . De een vind t snel, anderen zijn nog veel sneller blijkbaar. Wij vinden t prima. Henk is voor zijn gevoel nog steeds aan t haasten om op tijd op Ibiza te zijn maar we halen t makkelijk. Tot dusver ging t allemaal redelijk goed, we hebben wat tegenslagen gehad maar die vallen weg tegen alles wat we nu hebben. De eerste weken hebben we er toch wel aan moeten wennen om continue samen te zijn. Een paar heftige woordenwisselingen hebben we wel gehad maar nu zijn we in rustiger vaarwater terecht gekomen, zowel letterlijk als figuurlijk. De gidsen melden wel dat je zodra je Cabo de Sao Vincente (het einde van de “oude” wereld) gerond hebt je je in Mediterrane sferen waant maar het klopt ook echt. Langzaam is t loslaten wel toegeslagen. Liggend in de kuip zegt Henk, “ik moet eigenlijk die borstel pakken maar ben er te lui voor”, en dat is t begin. Ik lig ook in de kuip en denk dat ik wel wat kan lezen maar zelfs daar ben ik te lui voor.

Portugal

image“Daar is geen ingang”, zegt een man bij het havenkantoor als ik zeg dat we naar Sao Martinho gaan. “We zien wel en anders gaan we verder”, zeg ik. Maar je moet tegen ons niet zeggen dat iets niet kan! In de almanak staat het ook niet maar op onze kaart wel. En het lukt inderdaad om er binnen te varen. Overigens moet je dit niet met zwaar weer doen maar we zijn erg in ons nopjes met dit plekje. We zijn de enigen en hebben een prachtig uitzicht.
Als we op woensdagochtend op staan schijnt de zon maar binnen no-time komt er een ontzettende zeemist opzetten waardoor we de kant, die op 150 meter ligt, niet meer kunnen zien. We wachten tot we weer iets verder kunnen kijken voordat we het bijbootje pakken naar de kant. We maken een lange wandeling door de hele baai, sjouwen ons een breuk met boodschappen en maken ons vervolgens klaar om de volgende dag uit te varen richting Lissabon.
Helaas laat ook deze keer de wind het afweten maar we motoren in 10 uur naar Cascais, 12 mijl voor Lissabon waar we ankeren om niet in het donker aan te komen in Lissabon.
Vrijdagochtend varen we dan de Taag op die behoorlijk stroomt. Als we te ver doorvaren en terug moeten varen liggen we bijna stil door de zware tegenstroom maar uiteindelijk halen we de haven, blijkt ie vol! Maar, je kent ons, wij regelen wel dat het toch past. Helaas hebben we weinig gezellige aanspraak hier. De Portugezen zijn niet allemaal even vriendelijk. De achterbuurman is chagrijnig, waarschijnlijk vindt ie dat we te dicht op hem liggen en de enige Nederlandse die we spreken is nauwelijks verstaanbaar en te lui om op z’n minst haar okselharen te knippen, laat staan scheren. Ondanks dat komen er ook weer mensen naar onze boot kijken en complimenten geven, terwijl er hier al veel duurdere en grotere boten liggen.

Tijdens het avondeten spreek ik een Nederlandse moeder en dochter waarvan ik denk dat ze op stedentrip zijn, helaas blijkt vader een beroerte te hebben gehad tijdens de vakantie in Portugal en ligt in het ziekenhuis, dus weer met de neus op de feiten gedrukt. Geniet nu het kan!

Lissabon is een grote, levendige stad maar ook erg druk en toeristisch. We bezoeken alle hoogtepunten per fiets en hebben het weer gezien. Lissabon, een mooie stad, maar niet de onze. Wij gaan lekker door!

image